Welke vogels ziet u in welk seizoen?

Zoals u inmiddels weet is Waterdunen een belangrijke stopplaats voor trekvogels op hun weg naar het zuiden of in het voorjaar op hun weg terug naar de broedgebieden. Dat maakt dat het gebied in elk seizoen op verschillende vogelsoorten kan rekenen.

Doortrekkers zijn vogels die tijdens hun seizoenstrek een gebied passeren zonder daar langere tijd te blijven. Ze broeden ten noorden van ons land en overwinteren in het zuiden. In het najaar trekken vooral vogels uit Noord-Europa voorbij. Sommige soorten rusten en foerageren enige uren of dagen in Waterdunen voor ze verder trekken naar Zuid-Europa of Afrika. Een voorbeeld hiervan is de Rosse Grutto.

Naast doortrekkers heb je ook standvogels. Dit zijn vogels die het hele jaar op hun plaats blijven zoals bijvoorbeeld de scholekster. Dit komt echter maar heel weinig voor. Ringonderzoek heeft aangetoond dat een aantal vogels, waarvan we dachten dat het standvogels waren, toch trekvogels blijken te zijn. Spreeuwen zien wij in ons land in alle seizoenen. Maar de spreeuwen in de zomer zijn niet dezelfde als in de winter. De spreeuwen die bij ons gebroed hebben trekken in de herfst naar het zuiden. In de winter zijn spreeuwen uit noordoost Europa hier te zien. Vogelsoorten die we in alle seizoenen kunnen waarnemen, maar toch trekken, noemen we jaarvogels.

Zomervogels overwinteren voornamelijk in Afrika; ze arriveren bij ons in de lente en brengen hier hun jongen groot. In het najaar trekken ze weer naar het zuiden. Afgelopen zomer hebben we veel voorbeelden hiervan in Waterdunen kunnen zien, want er broedden honderden paartjes zomervogels zoals grote stern, dwergstern en zwartkopmeeuw.

Wintergasten broeden in noordelijke landen zoals Scandinaviƫ en Rusland. Omdat de winters daar te streng zijn, komen ze in de herfst naar het zuiden. Na de winter trekken ze weer naar het noorden om daar hun jongen groot te brengen. Voorbeelden hiervan zijn de rotgans en de koperwiek.

Als laatste zijn er soms ook dwaalgasten te zien. Dit zijn vogels die in een bepaald gebied slechts enkele keren zijn gesignaleerd. Deze vogel komt hier normaal niet voor, maar verlaat door extreme omstandigheden zoals kou, ziekte, droogte of voedselgebrek de natuurlijke habitat. Ook oriƫntatieproblemen kunnen de oorzaak voor zijn verschijning zijn.