VISSEN IN WATERDUNEN

Welke vissen zwemmen in de kreken van Waterdunen? Om die vraag te beantwoorden is begin september een vismonitoring uitgevoerd. Voor de opening van de getijdenduiker in 2019 was het water in de kreken zoet tot licht brak. Sinds de opening stroomt er dagelijks zout water het krekenstelsel in en uit. Met dit water komen ook vissen Waterdunen in. Stichting Het Zeeuwse Landschap doet onderzoek naar de visstand.

Om de vissen te vangen, trekken medewerkers van stichting Het Zeeuwse Landschap een zogeheten zegen, een groot net, door het water. Hun lieslaarzen zakken soms tot wel 20 centimeter weg in het slib. Het is zwaar werk maar dit weegt niet op tegen de spanning van ‘de opbrengst’.

Vinstralen tellen

Elke keer als het net op de kant getrokken wordt zit het vol met honderden kleine visjes, krabbetjes en een enkele garnaal. Het is nog niet zo makkelijk om te bepalen welke soort de kleine visjes zijn. Daarom worden enkele exemplaren in een glazen bakje beter bekeken. Met een visherkenningsboekje er bij worden de lastigste exemplaren gedetermineerd. Soms moeten de streepjes op de vin (vinstralen) van de vis geteld worden om zeker te zijn van de soort vis.

Vissoorten

Het onderzoek leverde de volgende soorten vis op:

  • Dikkopje (vele duizenden): deze vissen worden maximaal 6-10 cm groot en voeden zich met levende dierlijke organismen. Het zijn bodemvissen. Ze paaien zomers en de eieren worden afgezet in lege schelpen. Lepelaars, die met de tastzintuigen aan hun snavel naar voedsel zoeken, eten ze graag net als de zichtjager de kleine zilverreiger
  • Gewone koornaarvis (honderden): deze zilverkleurige vissen worden maximaal 20 cm groot. Ze leven in scholen en plakken in april tot juni hun kleverige eitjes aan zeewier vast.
  • Schol (enkele exemplaren): deze meer bekende platvis kan 80 cm groot worden. In de netten zaten alleen jonge visjes. Ze hebben beide ogen aan één kant en hebben een goede schutkleur.
  • Bot (enkele exemplaren): dit is ook een platvis en kan 50 cm groot worden. De bot lijkt op de schol maar is iets smaller. Een vrouwtje kan wel een miljoen eitjes produceren. Ze eten vooral wormen, garnalen en kleine visjes.
  • Dunlip- en diklipharder (honderden): deze minder bekende vissoorten kunnen 70-90 cm groot worden. Met hun stevige lippen schrapen diklipharders voedsel op van de bodem. De sporen hiervan kun je zien op drooggevallen oevers. Voor visarenden zijn ze een lekker maaltje.
  • Zeebaars (vele duizenden): een gemiddelde zeebaars wordt 50 cm groot maar sommige emplaren kunnen wel een meter worden. Bij het onderzoek werden vele kleine zeebaarzen gevonden. Het zijn carnivoren en ze eten vooral kreeften, garnalen en andere vissen. Pas als ze vier jaar oud zijn verhuizen ze naar dieper water.

Kraamkamer

De kreken van Waterdunen zijn een ideale kraamkamer voor jonge vissen. In het ondiepe warme water kunnen ze snel opgroeien en zijn ze veiliger tegen grotere roofvissen. Het Zeeuwse Landschap gaat in de toekomst meerdere keren per jaar een vismonitoring houden om zo een goed beeld te krijgen wat er leeft in het water van Waterdunen. Er zijn namelijk grote verschillen tussen de seizoenen te verwachten.